De meest belangrijke wijze van overdracht wordt weerspiegeld in de prevalentie van een chronische hepatitis B-infectie in een zekere regio. In streken met een lage prevalentie zoals Australie, West-Europa en de Verenigde Staten, waar minder dan twee procent van de bevolking is geïnfecteerd, zijn het intraveneus gebruik van drugs en het hebben van onbeschermd seksueel contact de voornaamste manier van overdracht. Toch zijn in deze gebieden eveneens overige factoren (zoals een operatieve ingreep) van belang. In streken met een gemiddelde prevalentie zoals Rusland, Oost-Europa en Japan, waar twee tot zeven procent van de bevolking chronisch is geïnfecteerd, wordt hepatitis B met name tussen kinderen overgedragen. In gebieden met een hoge prevalentie zoals Zuidoost-Azië en China gebeurt de overdracht vaak van moeder op kind via de placenta. Toch is in andere gebieden met een hoge prevalentie zoals in Afrika de overdracht van kind op kind ook een belangrijke factor.
Het virus kan eveneens buiten de mens een bepaalde tijd overleven; wel is de mens de enige gastheer van het hepatitis B virus. Het virus kan dus niet van een dier op de mens over worden gedragen.
