In de regel het pas nodig om een specialist te bezoeken als men door de symptomen zodanige last ondervindt dat het dagelijkse functioneren niet goed meer mogelijk is. Bij kinderen is dat het moment waarop de tics en bijkomende symptomen een normale ontwikkeling belemmeren. Bijvoorbeeld één of meerdere tics zijn zeer hinderlijk, sociaal niet gewenst of zelfs pijnlijk, het kind wordt erdoor gepest, het kan zich niet langer concentreren, de leerresultaten gaan snel achteruit, veel woede uitbarstingen, problemen met slapeloosheid, omgangsproblemen met anderen en dergelijke.
Een behandeling zal zijn gericht op die factoren welke de meeste last tot gevolg hebben. Heeft een kind met tics de meeste last van ADHD-gerelateerde problemen dan zal de behandeling zich juist daarop gaan richten.
Omdat een tic niet volledig ongewild en oncontroleerbaar is kan gedragstherapie uitkomst bieden voor het tegengaan van een tic. Dergelijke therapie wordt door gespecialiseerde psychologen gegeven. Het principe van de behandeling maakt gebruik van het gegeven dat voorafgaande aan een tic een bepaald gevoel vol spanning waar wordt genomen. Er zijn een tweetal methodieken ontwikkeld: *
exposure* en responspreventie: het aanleren om bewust de tics te onderdrukken (responspreventie), door blootstelling aan het spanningsvolle gevoel (exposure).
